Kabinet akkoord over beleid kansarme Antilliaanse jongeren



Veel jongeren komen zonder perspectief en onvoorbereid naar Nederland. Zij hebben hoge, vaak onterecht hoge, verwachtingen van hun kansen en mogelijkheden in die voor hen complexe Nederlandse samenleving. Hun moeizame integratie vindt zijn grond in de slechte sociaal-economische situatie in de Nederlandse Antillen, in hun gebrekkige schoolopleiding en in de leefomstandigheden in de wijken en buurten waarin zij opgroeien. Als nieuwkomers in Nederland vormen zij een van de doelgroepen van het Integratiebeleid. Het is in dit verband gewenst dat ook in de Nederlandse Antillen maatregelen worden getroffen en initiatieven ondersteund die het toekomstperspectief van deze jongeren verbeteren. Daarmee kan ook voorkomen worden dat zij, indien zij naar Nederland vertrekken, daar marginaliseren, overlast veroorzaken en soms in criminele circuits terecht komen.

Structureel beleid

Het Nederlandse beleid ten aanzien van de Nederlandse Antillen is erop gericht structurele oplossingen op de Nederlandse Antillen zelf te vinden door de leefomstandigheden voor de jeugd en het onderwijssysteem te verbeteren.

Het verbeteren van het sociaal economisch klimaat in de Antillen is een kwestie van lange adem. Daartoe zal Nederland bij de Nederlands-Antilliaanse regering aan blijven dringen op het doorvoeren van structurele hervormingen en het gezond maken van de overheidsfinanciën aangezien dit de enige manier is om uit het sociaal-economische dal te komen. Daarnaast richt Nederland zich op het daadwerkelijk stimuleren van de Antilliaanse economie via het samenwerkingsprogramma duurzame economische ontwikkeling. Binnen dit programma is gekozen voor onder meer het stimuleren van de groeisectoren toerisme, havens, distributie en financiële dienstverlening. Tevens wordt direct financiële steun gegeven aan Nederlandse bedrijven die willen investeren in de Nederlandse Antillen en aan Antilliaanse bedrijven.

Het onderwijsvernieuwingsprogramma beoogt onder andere de aansluiting op de Antilliaanse arbeidsmarkt te verbeteren waardoor het aantrekkelijker wordt in eigen land naar werk te zoeken. Het programma bestaat uit drie deelprogramma's: invoering funderend onderwijs, vernieuwing beroepsonderwijs en institutionele en organisatorische versterking. De noodzaak van de onderwijsvernieuwing wordt door alle betrokkenen (scholen, schoolbesturen, eilandgebieden, land) onderschreven en het draagvlak voor het programma is groot mede door de gedegen probleemanalyse die aan de opstelling van het programma vooraf is gegaan.

Daarnaast richt het Nederlandse beleid zich op de aanpak van de structurele oorzaken van de armoede. Op basis van een armoedeanalyse die de Wereldbank en de UNDP dit jaar uitvoeren zal een samenwerkingsprogramma armoedebestrijding worden opgesteld. De analyse zal ondermeer ingaan op aard, oorzaak en ernst van de armoedeproblematiek onder specifieke groepen; de situatie van jongeren op de Nederlandse Antillen zal de nodige aandacht krijgen.

Flankerend beleid

Naast dit structurele beleid gericht op de verbetering van de sociaal-economische omstandigheden, zijn er op de Nederlandse Antillen tal van activiteiten gaande en in voorbereiding die gevat kunnen worden onder de term flankerend beleid en op korte termijn moeten voorkomen dat kwetsbare jongeren afglijden naar een marginaal en/of crimineel bestaan.

Sociale vormingsplicht De sociale vormingsplicht is een initiatief van de Antilliaanse regering dat tot doel heeft inactieve jongeren (geen school, geen werk) van 16 tot 24 jaar door een combinatie van opleiding en werk voor te bereiden op betaald werk op het niveau van assistent beroepsbeoefenaar of het instromen in een vervolgopleiding. De Minister voor BVK heeft medio februari 2005 ingestemd met de financiering van een pilotproject sociale vormingsplicht. Hij stelt hiervoor maximaal Naf 4 miljoen beschikbaar. De pilot zal worden uitgevoerd op de eilanden Curaçao, Bonaire en Sint Maarten. Op basis van de pilot die zes maanden duurt, zal een besluit worden genomen over integrale invoering van de sociale vormingsplicht.

Het Urgentieprogramma Jeugd en Jongeren (UJJ) De projecten van het Urgentieprogramma Jeugd en Jongeren (UJJ) van het eerste uur zijn inmiddels beëindigd en in een aantal gevallen ingebed in het eilandelijke jeugdbeleid. In 2005 wordt nog geld ter beschikking gesteld voor projecten op Sint Maarten (naschoolse opvang en schakelklassen) en voor «opstap» projecten op verschillende eilanden. Deze projecten bieden opvoedingsondersteuning aan ouders van kleuters en hebben mede ten doel de start van de kleuters in het funderend onderwijs te vergemakkelijken.

Het is van belang te weten wat het effect van het programma is geweest en welke interventies als meest succesvol kunnen worden beschouwd. Het is daarom van belang te kunnen beschikken over de inzichten die een evaluatie van het UJJ kan opleveren. Deze kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de vormgeving van het Antilliaanse jeugdbeleid, waarvoor land en eilandgebieden primair verantwoordelijk zijn. Daartoe wordt het UJJ in 2005 geëvalueerd. Kennis en ervaring opgedaan met het UJJ moet worden toegepast bij de sociale vormingsplicht.

Eilandelijke NGO programma's Nederland ondersteunt niet-gouvernementele organisaties (NGO's) die zich richten op de sociale ontwikkeling van de Nederlandse Antillen. Voor de aanpak van de acute nood leent de weg via de NGO's zich het beste. De NGO's staan dicht bij de kwetsbare groeperingen in de Antilliaanse samenleving en kunnen daardoor goed inspringen op de bestaande behoeften. De NGO's worden ondersteund op basis van eilandelijke programma's, die versnippering van het hulpaanbod moeten voorkomen en moeten zorgdragen voor een duurzaam resultaat van de Nederlandse hulp. Via dit instrument kan worden ingespeeld op de behoeften op korte termijn die niet worden gelenigd met het economisch herstelbeleid. In de eilandelijke NGO programma's wordt in ruime mate aandacht besteed aan de jeugd; voortgeborduurd wordt op de resultaten van het UJJ. De onder de programma's vallende projecten richten zich ondermeer op ontplooiingsmogelijkheden en weerbaarheid van de jeugd, naschoolse opvang, stimulering en leesbevordering van kleuters, opvoedingsondersteuning van ouders, school drop outs, voorkoming tienerzwangerschappen, arbeidsmarktkwalificatie.

Preventie jeugdcriminaliteit in kader van het samenwerkingsprogramma rechtshandhaving Met de Nederlandse Antillen zijn afspraken gemaakt over de totstandkoming van een samenwerkingsprogramma op het terrein van de rechtshandhaving. Het programma is gericht op de verbetering van de instituties in de rechtshandhavingketen. Uitgangspunt voor de verbeteringen vormen de thema's grensoverschrijdende criminaliteit, grensbewaking en terrorisme. Het voorkomen van jeugdcriminaliteit is ook een aandachtpunt in het programma. Het programma zal in de loop van 2005 worden uitgewerkt.

Antilliaanse Militie nieuwe stijl Medio 2004 is het project Antilliaanse militie gestart. Gedurende een jaar krijgen 150 dienstplichtige, voor het merendeel kansarme jongeren een militaire en civiele opleiding die hun beroepsvooruitzichten verbetert. Tevens nemen deze jongeren deel aan een inburgeringprogramma dat gericht is op het verwerven van kennis en inzicht in de Nederlandse samenleving. Het project is een gezamenlijk initiatief van de ministeries van BZK en van Defensie, in het bijzonder de Koninklijke Marine op de Nederlandse Antillen. Het project heeft een looptijd van drie jaar wat betekent dat in totaal 450 jongeren kunnen deelnemen. De projectkosten bedragen ¤ 2,8 miljoen. Van dit bedrag komt 90% ten laste van de begroting van Koninkrijksrelaties en 10% ten laste van Defensie.

bron:BZK



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: