In 2005 telde Nederland 160 duizend
ouderen van 55–74 jaar die geen baan hebben maar wel ten
minste twaalf uur per week zouden willen werken. Zij zijn vooral op
zoek naar een deeltijdbaan maar zochten meestal niet actief. De
meerderheid, ongeveer 2,2 miljoen ouderen, wil evenwel helemaal
niet meer werken. Dat blijkt uit tellingen van het CBS.

Drie procent 65-plussers zoekt werk

In 2005 heeft 55 procent van de
55–59-jarigen een baan. Vanaf het 60ste jaar neemt het
aandeel werkende ouderen snel af. Van de 60–64-jarigen werkt
minder dan één op de vijf, na het 65ste jaar werkt
nog een kleine 4 procent.

Van de 55–59-jarigen werkt 7 procent
niet, maar wil dat wel. Van de 60–64-jarigen is dit minder
dan 6 procent. Van de 65-plussers is nog maar 3 procent op zoek
naar werk. Het overgrote deel van de niet-werkende ouderen wil
echter helemaal niet meer werken.

Werkzoekende oudere wil vooral
deeltijdbaan

Zeven van de tien werkzoekende
55–74-jarigen willen een deeltijdbaan. Van de
55–64-jarigen wil twee derde een deeltijdbaan. Boven de 65
jaar wil nagenoeg iedereen een deeltijdbaan.

Mannen willen vaker een voltijdbaan dan
vrouwen. Van de niet-werkzame oudere mannen willen vier van de tien
een voltijdbaan. Van de vrouwen wil nog maar één op
de tien dit.

Weinig ouderen zoeken actief naar werk

Van de 160 duizend oudere 55-plussers
zonder werk is een derde actief op zoek naar werk. Zij hebben de
afgelopen vier weken banenadvertenties bekeken in de krant of op
het internet, zij hebben bij kennissen en bij werkgevers navraag
gedaan over mogelijk werk of hebben gesolliciteerd naar een baan.
Mannen zijn vaker actief op zoek naar een baan dan vrouwen.

bron:CBS