Nederland loopt voorop in Europa op het
gebied van goed werkgeverschap. Veel organisaties zijn aan de slag
met goed werkgeverschap en ook landelijk beleid en regelgeving
werken stimulerend. Dat blijkt uit de TNO publicatie 'Goed
werkgeverschap in internationaal perspectief', waarin de stand van
zaken is beschreven op dit gebied in 16 Europese landen.

Het boek is het resultaat van een
landenvergelijkend onderzoek naar de stand van zaken op het gebied
van goed werkgeverschap. Onder goed werkgeverschap verstaat men de
mate waarin een werkgever in zijn gedrag optimaal rekening houdt
met zijn werknemers zonder dat deze zorg ten koste gaat van
organisatiebelangen.

Een open bedrijfscultuur, maatwerk in
arbeidsrelaties (het combineren van werk en prive) en
ontwikkelingsmogelijkheden van de werknemers zijn de drie aspecten
van goed werkgeverschap waarop Nederland goed scoort. Andere landen
kennen een minder complete invulling van dit begrip; alleen het
onderdeel ontwikkelingsmogelijkheden zien we in veel landen terug.
Het thema 'gezondheid op de werkplek' heeft bij buitenlandse
bedrijven vaak wel een prominente plaats.

De belangrijkste reden om aan goed
werkgeverschap of Corporate Social Responsibility te doen is het
verbeteren van het bedrijfsresultaat. Uit eerder onderzoek blijkt
dat goed werkgeverschap samenhangt met een hogere productiviteit en
minder verloop van personeel. Vaak zijn sociale partners, in het
bijzonder de werkgeversorganisaties de stimulerende partij.
Succesfactoren zijn vrijwilligheid en samenwerking van sociale
partners; regels en wetten werken averechts. Vrijwel alle landen
denken dat goed werkgeverschap bekender wordt en meer
geaccepteerd.

In het boek staat een aantal
praktijkvoorbeelden beschreven van bedrijven die met goed
werkgeverschap aan de slag zijn gegaan, waaronder Volvo Cars
Corporation uit Zweden en Sportasia uit het Verenigd Koninkrijk.
Daarbij valt vooral de persoonlijke gedrevenheid en betrokkenheid
van de oprichter(s) op. Nederlandse voorbeelden van goed
werkgeverschap zijn in een eerder onderzoek beschreven.

bron:TNO