Nederland stelt 200 miljoen Euro extra beschikbaar voor wederopbouw Azië



De minister voor Ontwikkelingssamenwerking, Agnes van Ardenne, stelt
bij de VN-conferentie in Genève 200 miljoen Euro extra ter beschikking
voor de wederopbouw van Azië. 'De ramp is verschrikkelijk, het
menselijk leed onvoorstelbaar. Maar via noodhulp, wederopbouw en onze
langdurige ontwikkelingsrelatie met Indonesië en Sri Lanka kunnen we de
overlevenden van de zeebeving in ieder geval perspectief bieden', aldus
Van Ardenne.

 
Van Ardenne is blij met de grote bedragen die beschikbaar worden
gesteld door particulieren en regeringen, maar plaatst wel een
kanttekening. 'De solidariteit met Azië is hartverwarmend, maar mag
niet ten koste gaan van andere gebieden die onze hulp nodig hebben. Ik
zou donoren daarom willen oproepen om hun totale budget op te hogen;
deze ramp biedt een perfecte kans om nu eindelijk werk te maken van de
internationale afspraak om minimaal 0.7% van het BNP aan
ontwikkelings-samenwerking te besteden.' Nederland reserveert zelf 0,8%
van het BNP.  
 
De VN-conferentie in Genève is vooral belangrijk omdat de coördinatie
van de hulpverlening aan Azië bij de Verenigde Naties ligt. Van
Ardenne: 'Het is uniek dat iedereen, inclusief de VS, de Verenigde
Naties als coördinerende instantie ziet voor de noodhulp aan Azië.'
Voor de wederopbouwhulp benadrukt ze de rol van de getroffen landen
zelf. 'Ik zou de getroffen landen willen uitnodigen om een coördinatie
mechanisme op te zetten en ben daarbij voorstander van een multi-donor
fonds voor elk van de getroffen landen, opgezet samen met de Verenigde
Naties, de Wereldbank en de Aziatische Ontwikkelingsbank.' Van Ardenne
vindt dat de wederopbouw ook kansen biedt om de bestaande conflicten in
het getroffen gebied aan te pakken. Van Ardenne: 'Wederopbouw en
vredesopbouw moeten in Atjeh en Sri Lanka hand in hand gaan.'  
 
Op dit moment wordt er vooral noodhulp geleverd. Voor deze noodhulpfase
heeft Nederland intussen 40 mln Euro ter beschikking gesteld en is
daarmee binnen de EU een grote donor. Geld is op dit moment overigens
niet het belangrijkste probleem; het gaat er vooral om de noodhulp op
tijd op de juiste plaats te krijgen. Na de acute noodhulp komt
wederopbouw van een land in zicht: landen in staat stellen om weer op
eigen kracht te draaien, door bijvoorbeeld wegen en watervoorzieningen
te herstellen. Hiervoor heeft Nederland zoals gezegd nu 200 miljoen
euro extra gereserveerd. Deze hulp wordt verspreid over een periode van
vijf jaar. Verder heeft Nederland een langdurige ontwikkelingsrelatie
met enkele van de zwaarst getroffen landen in het gebied. Indonesië
ontving in 2004 32 miljoen Euro voor onderwijs, waterprojecten en goed
bestuur, Sri Lanka 8,8 miljoen Euro voor met name milieu en
ondersteuning van het vredesproces.   

Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: