Politie registreert huiselijk geweld beter



Ruim 80 procent van de slachtoffers van huiselijk geweld is vrouw, 18,5
procent is man. Vrouwelijke slachtoffers zijn grotendeels tussen de 25
en 45 jaar. Bij seksueel geweld zijn vooral kinderen en jongeren het
slachtoffer. De top 3 van huiselijk geweld bestaat uit buren c.q.
relatieproblemen (26,9 procent), Man- c.q. vrouwmishandeling (23,2
procent) en bedreiging (9,7 procent). Deze cijfers blijken uit een
onderzoek van Advies- en Onderzoeksgroep Beke, op grond van de dit jaar
ingevoerde registratie bij de politiekorpsen in Nederland. Het is voor
het eerst dat uit politiecijfers dergelijke gedetailleerde informatie
over huiselijk geweld bekend wordt. 

 
De informatie is gebaseerd op cijfers van de 25 politieregio's in de
periode mei tot en met augustus 2004. Wanneer het aantal incidenten
teruggebracht wordt naar één jaar, dan blijkt dat er in Nederland,
56.000 incidenten worden geregistreerd. Daarbij moet worden aangetekend
dat de invoering van de nieuwe registratie niet in alle korpsen in het
zelfde tempo is verlopen. Er is sprake van een groeimodel. De
verwachting is dat in de toekomst de registratie nog nauwkeuriger zal
zijn.   
 
Voor huiselijk geweld geldt -zeker in vergelijking tot geweld op
straat- dat er sprake is van een groot 'dark number'. Zo blijkt uit
onderzoek dat slechts 12 procent van alle gevallen van huiselijk geweld
bij de politie terecht komt. Uit onderzoek van de nu bekende
politiecijfers blijkt dat in slechts 33,6 procent van de gevallen ook
aangifte werd gedaan. Dat heeft te maken met de afhankelijke positie
waarin slachtoffers vaak zitten of dat aangifte onmogelijk is zoals bij
kindermishandeling. Desondanks kon de politie in 58 procent van de
aangiften een dader aanhouden. Dit moment is het nog niet
mogelijk  na te gaan in hoeveel gevallen er op een andere manier,
bijvoorbeeld door bemiddeling, aandacht aan het probleem werd besteed.
In 2005 is deze mogelijkheid er wel.   
 
De politie leidt uit het onderzoek af, dat de cijfers een niet te
miskennen signaal afgeven over de ernst van dit grote maatschappelijke
probleem, dat op zijn minst aanleiding moet geven tot acties van andere
partners, zoals gemeenten en in het verlengde daarvan hulpverlenende
instanties. Daarbij valt te denken aan activiteiten gericht op buren-
en relatieproblemen, als ter plekke blijkt dat er geen strafbare feiten
zijn gepleegd.   
 
Voor het adequaat optreden van de politie is het meer dan noodzakelijk
dat het kabinet haast maakt met de wetgeving om plegers van huiselijk
geweld een huisverbod te kunnen geven. Daarnaast wil de politie dat
privacybelemmeringen bij de registratie en uitwisseling van gegevens
over huiselijk geweld bij de ketenpartners worden weggenomen. Het lijkt
in de rede te liggen dat de 35 centrumgemeenten in het land vanuit hun
regierol in het opzetten van Advies- en Steunpunten Huiselijk Geweld
ook de coördinatie op de informatie op zich nemen.  
 
Specifieke aandacht wordt gevraagd voor de rol van de Reclassering in
het voor- en natraject van veelplegers van huiselijk geweld. Zij hebben
intensieve begeleiding nodig om niet opnieuw in herhaling te vallen.
Daarnaast is extra aandacht nodig voor kinderen die slachtoffer en/of
getuige zijn van huiselijk geweld. Per jaar worden ongeveer 22.000
jongeren slachtoffer van huiselijk geweld doorgerekend op basis van 12%
wat gemeld wordt bij de politie. Het is bekend dat deze groep in de
pubertijd tot een potentiële dadergroep van geweld op straat gaat
behoren.

Bron: NEDERLANDS POLITIE INSTITUUT



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: