Religie kan een positieve bijdrage leveren
aan de samenleving. Maar een sterke nadruk op religieuze identiteit
kan als splijtzwam werken. De overheid is neutraal tegenover
religie. Dit schrijft het kabinet in een reactie op de WRR. De
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) deed in 2006
onderzoek naar de ontwikkelingen binnen het islamitisch activisme
en de betekenis van het islamitisch recht (de sharia).

Het kabinet waardeert de bijdrage van de
WRR aan het publieke debat. Wel maakt het kabinet voor een deel
andere keuzes dan de raad.

Het kabinet baseert zich op een aantal
uitgangspunten.

Religie

Het kabinet is ervan overtuigd dat
religie, dus ook de islam, een positieve bijdrage kan leveren aan
de samenhang in de samenleving.

Maar een sterke nadruk op religieuze
identiteit kan volgens het kabinet ook als splijtzwam werken. Dit
risico is groter als de religieuze scheidslijnen samenvallen met
andere scheidslijnen in de samenleving.

Neutraliteit overheid

Het uitgangspunt van het kabinet is dat de
overheid neutraal is ten aanzien van religie. Wel werkt zij samen
met levensbeschouwelijke organisaties.

Het kabinet vindt dat de overheid niet kan
samenwerken met organisaties die zich, op basis van religie,
afkeren van de beginselen van de democratische rechtsstaat. Dit
geldt ook voor organisaties die doelen nastreven die in strijd zijn
met de universele rechten van de mens.

Buitenlands beleid

Mensenrechten, democratie en goed bestuur
moeten volgens het kabinet wereldwijd worden bevorderd.

Volgens de WRR moet de overheid soms
contacten onderhouden met organisaties en regimes die niet voldoen
aan de eisen op het gebied van mensenrechten en democratie.

Het kabinet vindt dat hierbij de grens
moet worden getrokken bij organisaties die met geweld verandering
nastreven. Die zijn volgens het kabinet geen gesprekspartner voor
de overheid, behalve wanneer de gesprekken erop zijn gericht het
geweld te beëindigen.

Binnenlands beleid

Het kabinet is het eens met de
constatering van de WRR dat er in Nederland geen naast elkaar
bestaande rechtsstelsels kunnen zijn.

Een eigen rechtssysteem en rechtspraak
voor (geloofs)gemeenschappen is daarom geen optie. Ook gedeeltelijk
acceptatie van de sharia wijst het kabinet af.

Volgens het kabinet biedt het Nederlandse
rechtssysteem mensen alle ruimte om zich te organiseren en het
leven naar eigen inzicht in te richten. Dat kan zolang dit niet
botst met de democratische waarden en de menselijke
waardigheid.

Het kabinet benadrukt dat iedereen, op
elke grondslag, een politieke partij kan oprichten. Als een partij
de democratie wil ondermijnen, zal het 'zelfreinigend vermogen'
van de democratie zijn werk doen, aldus het kabinet.

Kennis

Evenals de WRR hecht het kabinet aan goede
voorlichting en vergroting van kennis over de eigen
levensovertuiging en die van anderen.

Ook de kennis rond de islam en de
verscheidenheid daarbinnen moet worden vergroot. Daarnaast wil het
kabinet dat mensen meer kennis en begrip krijgen van mensenrechten
en democratie.

Bron:RVD