Er moet een eenvoudige procedure bij het kantongerecht komen voor het beslechten van geschillen tussen consument en ondernemer. Zo wordt het makkelijker om naar de kantonrechter te stappen. Deze eenvoudige procedure is sneller en goedkoper dan de huidige dagvaardingsprocedure. Maar de huidige dagvaardingsprocedure moet wel blijven bestaan, zodat mensen kunnen kiezen. Voordeel van de dagvaardingsprocedure is namelijk dat deze meer rechtswaarborgen biedt.

Dat schrijft de Commissie voor Consumentenaangelegenheden van de SER in een advies aan minister Hirsch Ballin van Justitie. Aanleiding voor het advies is de behoefte aan een betere toegang van de burger (consument en ondernemer) tot het recht. Als inspiratiebron heeft daarbij gediend de Europese procedure voor geringe vorderingen, die alleen voor grensoverschrijdende zaken binnen Europa geldt.

 

Verbeterde toegankelijkheid

De SER-commissie ziet de eenvoudige procedure als een goede aanvulling op het werk van de geschillencommissies. De burger kan nu ook op die terreinen waar nog geen geschillencommissie is, sneller en goedkoper zijn recht halen. Het is bovendien een belangrijke aanwinst voor die burgers die de voorkeur geven aan een uitspraak van een rechter boven een bindend advies van een geschillencommissie. De eenvoudige procedure zou ook gebruikt moeten kunnen worden voor geschillen tussen ondernemers onderling en tussen particulieren.

 

Burgers hoeven niet meer eerst naar de deurwaarder te gaan, maar kunnen hun zaak langs elektronische weg aanhangig maken bij de griffie. Ook een advocaat is niet meer verplicht. Verder zal er zo min mogelijk gebruik worden gemaakt van kostbare bewijsmiddelen, zoals getuigenverhoor en deskundigenbericht. En er zal alleen een mondelinge behandeling komen als partijen dat willen en de rechter dat nodig vindt.

 

Eens over verhoging maximumbedrag, oneens over precieze uitwerking

De SER-commissie stelt allereerst voor om de competentie van de kantonrechter voor consumentenzaken te verhogen van de huidige 5.000 euro naar 25.000 euro. Dat zal de toegang tot het recht voor de burger sterk kunnen verbeteren.

Binnen de SER-commissie wordt verschillend gedacht over het maximumbedrag van de vordering voor de eenvoudige procedure. De consumentenleden en de onafhankelijke leden willen de grens leggen bij 25.000 euro. De ondernemersleden willen de maximumgrens voor de eenvoudige procedure lager leggen, namelijk bij 5.000 euro. Daarboven moet de normale dagvaardingsprocedure worden gevolgd. Zij vinden dat alleen als beide procespartijen daarmee instemmen ook bij een bedrag boven de 5.000 euro de eenvoudige procedure kan worden gevolgd.

Bij beide standpunten wordt binnen de maxima nog een financiële grens gelegd waarboven ruimer met kostbare bewijsmiddelen en een mondelinge behandeling kan worden omgegaan.

 

De SER-commissie vindt unaniem dat de grens voor hoger beroep bij de kantonrechter moet worden opgetrokken van 1.750 euro tot 2.000 euro. Bovendien moet de eenvoudige procedure binnen zes maanden worden afgehandeld

 

bron:SER