De aanwezigheid van andere houthandelaren in Birma mag voor Nederlandse houtimporteurs geen reden zijn om zich direct of indirect te blijven inlaten met een militair regime dat door het grootste deel van de internationale gemeenschap wordt afgekeurd. Dat schrijft staatssecretaris Van Gennip aan de Tweede Kamer.

De staatssecretaris heeft dit standpunt ook in een brief aan de Vereniging van Nederlandse Houtondernemingen (VVNH) kenbaar gemaakt. In augustus had Van Gennip een gesprek met vertegenwoordigers van de houthandel. Daarin vroeg ze de houtimporteurs de activiteiten in Birma te stoppen.

Volgens de houthandelaren is het Nederlandse aandeel in de handel gering. Hierdoor zou een eenzijdig stoppen van import door Nederland nauwelijks effect hebben op de inkomsten van het Birmese regime. De VVHN stelde in het eerdere overleg ondanks de kritiek de houtimport niet te willen stoppen.

Van Gennip meldt de Kamer in de brief dat de Nederlandse overheid in multilateraal verband druk wil blijven uitoefen op de grote buurlanden van Birma om het regime niet meer te steunen. Ook wil de staatssecretaris in Europees verband een actief ontmoedigingsbeleid richting Birma voeren.

bron:EZ