Een onafhankelijk adviescollege gaat vanaf
1 januari 2008 alle verlofaanvragen inhoudelijk toetsen. Het
verlofadviescollege wordt als onafhankelijk orgaan gepositioneerd
onder het ministerie van Justitie en krijgt daarmee een positie die
vergelijkbaar is met de Inspectie voor de Sanctietoepassing. In de
periode tot 1 januari wordt de toetsing van de verlofaanvragen
gefaseerd overgedragen aan het verlofadviescollege. Dat schrijft
staatssecretaris Albayrak (Justitie) in de eerste
voortgangsrapportage bij het Plan van aanpak TBS en Forensische
zorg in het strafrechtelijk kader.

Het plan van aanpak betreft de uitvoering
van de kabinetsreactie op het parlementair onderzoek naar de TBS
(commissie Visser) en de motie-Van de Beeten over de aansluiting
van de forensische zorg binnen detentie op de reguliere GGZ. In de
eerste halfjaarlijkse rapportage geeft de staatssecretaris een
overzicht van de voortgang op de zeventien maatregelen uit het plan
van aanpak.

Verlofadviescollege

Met de instelling van het
verlofadviescollege geeft de staatssecretaris invulling aan de
aanbeveling van de commissie-Visser voor een professionele
verloftoetsing. Het nieuwe adviescollege gaat alle verlofaanvragen
van tbs-gestelden inhoudelijk toetsen. Vervolgens neemt een nieuwe
verlofeenheid op basis van het advies van het college, namens de
staatssecretaris, de formele beslissing over de verlofaanvraag.
Voor de behandeling van alle aanvragen worden binnen het
verlofadviescollege voorlopig drie commissies geformeerd. Elke
commissie bestaat uit drie forensische psychiaters en psychologen,
een jurist, een secretaris en op afroep een wetenschappelijke
onderzoeker.

De voorbereidingen voor het adviescollege
zijn nagenoeg afgerond. Voor de periode van 1 juli 2007 tot 1
januari 2008 geldt een overgangsregeling, waarbij het
verlofadviescollege alleen die verlofaanvragen toetst, die volgens
de huidige procedure in een verlofvergadering moeten worden
behandeld. Naar verwachting is het volledige verlofadviescollege
vanaf oktober 2007 geformeerd.

bron:MinJus