Van politieverhoren van verdachten bij zware misdrijven worden in de toekomst verplicht geluidsopnames gemaakt. Dat schrijft minister Donner (Justitie), mede namens minister Remkes (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), vandaag in een brief aan de Tweede
Kamer. De maatregel maakt onderdeel uit van het programma versterking opsporing en vervolging.

De ministers schrijven dat het opnemen en opslaan van politieverhoren de controle op die verhoren beter mogelijk maakt. De maatregel draagt bij aan het verbeteren van de kwaliteit van het onderzoek, aan controle op de opsporing en aan de mogelijkheden voor waarheidsvinding indien wordt beweerd dat de verklaring niet in vrijheid is afgelegd.

Vanwege de ingrijpende consequenties zal de maatregel gefaseerd worden ingevoerd. Immers, voor een adequate geluidsregistratie zullen verhoorkamers moeten worden ingericht; werkprocessen moeten aangepast en alle verhoren zullen op een adequate wijze moeten worden opgeslagen en beheerd. De Tweede Kamer wordt in een later stadium geïnformeerd over de aanpak hiervan.

Volgens de huidige regels hoeft het verhoor alleen opgenomen te worden in gevallen van seksueel misbruik waarbij het slachtoffer tussen de 4 en 12 jaar oud is of het slachtoffer een achterstand in de ontwikkeling heeft. Ook geldt de huidige registratieverplichting in zedenzaken waarvoor een straf van tenminste 8 jaar opgelegd kan worden en bij zaken waarbij seksueel misbruik in een afhankelijkheidsrelatie heeft plaatsgehad.

De ministers schrijven dat de controleerbaarheid en de transparantie van de verhoren meer gediend is bij de verplichte geluidsregistratie dan bij de aanwezigheid van een advocaat.  Het verhoor kan altijd en geheel worden teruggeluisterd, bijvoorbeeld ter terechtzitting. De noodzaak om advocaten toegang te verlenen tot het politieverhoor is daarmee minder urgent. Zij krijgen daarom vooralsnog geen toegang tot het politieverhoor.

In eerste instantie geldt de verplichte geluidsregistratie voor politieverhoren van verdachten indien:
het misdrijf strafbaar is gesteld in het Wetboek van Strafrecht en de maximumstraf 12 jaar of meer bedraagt.
als de maximale straf lager is dan 12 jaar, maar er sprake is van een dode of zwaar lichamelijk letsel
als het gaat om een zedendelict met een strafbedreiging van tenminste 8 jaar of als het gaat om seksueel misbruik in een afhankelijkheidsrelatie.

De verplichte geluidsregistratie geldt daarnaast in alle gevallen waarbij een minderjarige onder de 16 jaar of een verstandelijk gehandicapte betrokken is.Wanneer de eerste fase van deze verplichte registratie is ingevoerd en er ervaring mee is opgedaan, zal de verplichting verder worden uitgebreid. Afhankelijk van de ervaringen zal bepaald worden wat de reikwijdte wordt van de tweede fase.

Het besluit van de ministers is het antwoord op drie moties van de Tweede Kamer. De Kamerleden Weekers en Wolfsen pleitten voor het uitbreiden van de registratieplicht van verhoren. Wolfsen verzocht in een aparte motie om een evaluatiemechanisme voor zaken die niet geleid hebben tot een onherroepelijke veroordeling. Het Kamerlid Dittrich diende een motie in over een experiment met de toegang van advocaten tot de politieverhoren. Aan deze motie wordt nog geen uitvoering gegeven, maar de motie zal later dit jaar nog met de Tweede Kamer worden besproken.

bron:MinJus