Minister Veerman heeft vandaag besloten tot een ingrijpende versoepeling van het exportverbod voor herkauwers uit het noorden van Nederland. Koeien, schapen en geiten die direct voor de slacht zijn bestemd mogen weer worden geëxporteerd. Dieren die niet
voor de slacht zijn bestemd, mogen  geen klinische verschijnselen van bluetongue vertonen en moeten serologisch worden getest voordat ze mogen worden uitgevoerd.

De onderzoeken die totnogtoe zijn uitgevoerd laten geen verspreiding van de ziekte zien in het noorden van Nederland. Maar er zijn nog wel verdenkingen buiten de haard rond Kerkrade, sommige dicht bij de grens van het gebied met een straal van 150 km rond deze plaats waarin maatregelen tegen bluetongue van kracht zijn. Bovendien zijn in de periode voordat de ziekte werd vastgesteld vrij veel dieren vanuit het zuiden van Nederland naar het noorden vervoerd en kunnen tussen het tijdstip waarop een dier wordt besmet en het zichtbaar worden van de ziekte wel twee weken verlopen. De minister vindt het daarom nog
te vroeg om het exportverbod geheel op te heffen. Met de versoepelingen die hij nu doorvoert beperkt hij de economische gevolgen voor de sector echter tot een minimum.

Daarnaast zijn het beschermingsgebied en het toezichtgebied samengevoegd tot één beschermingsgebied met een straal van 150 km, net als in Duitsland en
België. Door een bevestiging van bluetongue op een bedrijf in Elsloo is de begrenzing van het 20 kilometer gebied aangepast.

bron:LNV