Vorderingen Heineken tegen Philips en Interbrew afgewezen



De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage heeft bij vervroeging uitspraak gedaan en bij vonnissen van 1 december 2005 in beide zaken alle octrooi-inbreuk vorderingen van Heineken geweigerd. Tevens is Heineken verboden de markt te berichten dat de PerfectDraft van Philips en Interbrew inbreuk maakt op de 5 in kort geding ingeroepen octrooien die zien op de BeerTender technologie van Heineken, als zij daarbij niet tevens vermeldt dat de kort gedingrechter een daarop gebaseerd verbod voor Philips en Interbrew heeft geweigerd.

Tenslotte is Heineken verboden te suggereren dat Philips geheimhoudingsafspraken met Heineken zou hebben geschonden bij de ontwikkeling van de PerfectDraft in samenwerking met Interbrew. De overwegingen van de voorzieningenrechter die tot dit oordeel hebben geleid, kunnen als volgt worden samengevat:

* De inbreukverboden worden geweigerd, omdat de gepresenteerde materie vanwege haar complexiteit niet vatbaar is om in kort geding genoegzaam te worden toegelicht. De redenen daarvoor staan in rechtsoverwegingen 3.2 t/m 3.13 van de vonnissen. Het betreft onder andere het bij herhaling en tot op het laatst deels ingrijpend wijzigen van de octrooien, de uitzonderlijke omvang van die octrooien, de grote hoeveelheid voorbekende "taps" en daarmee samenhangende technologie en de noodzaak daar verder onderzoek naar te doen, de complexe interferentie met samenhangende Europese octrooiverleningsprocedures, alsmede procedurele aspecten. Dit oordeel draagt zelfstandig de afwijzing van de inbreukvorderingen.
* Onder meer wegens de in de markt gewenste duidelijkheid wordt uitdrukkelijk ten overvloede in de vonnissen een voorlopig oordeel gegeven over 3 van de 5 ingeroepen octrooien. Dit betekent dat dat voorlopig oordeel geen zelfstandig bindende kracht heeft in de zaken, omdat de vorderingen van Heineken al dragend worden afgewezen wegens ongeschiktheid voor behandeling in kort geding.
* Het voorlopig oordeel ten overvloede luidt dat de PerfectDraft van Philips en Interbrew geen inbreuk maakt op 2 van die 3 octrooien en dat het derde octrooi gerede kans maakt in de bodemprocedure te worden nietig geoordeeld. Dit is te vinden in rechtsoverwegingen 3.21 t/m 3.25 van de vonnissen.

* Het vierde ingeroepen octrooi is volgens de vonnissen niet meer inroepbaar en over het vijfde octrooi is zelfs ten overvloede geen verantwoord voorlopig oordeel mogelijk, aldus rechtsoverwegingen 3.15 t/m 3.17.

* De tegeneis van Philips en Interbrew is slechts gedeeltelijk toegewezen. Heineken moet, gelet op de negatieve uitkomst van deze procedures voor haar, in het vervolg bij een beroep op haar octrooirechten vermelden dat de kort geding rechter een inbreukverbod heeft geweigerd en mag niet meer suggereren dat Philips een geheimhoudingsverbintenis met Heineken heeft geschonden bij de ontwikkeling van de PerfectDraft. Dit alles op straffe van een dwangsom van ̢ 500.000,- per overtreding. Daartoe wordt verwezen naar rechtsoverwegingen 3.26 t/m 3.30.

Bron: Rechtbank 's-Gravenhage 



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: