Vorderingen in aanpak criminaliteit en overlast



Er zijn sinds de start van het Veiligheidsprogramma Naar een veiliger samenleving in 2002 aanzienlijke vorderingen geboekt in het tegengaan van criminaliteit en overlast. Het aantal geweldsdelicten is met bijna 11 procent gedaald en het aantal vermogensdelicten met meer dan 9 procent. Ook het percentage burgers dat zich wel eens onveilig voelt is sinds de nulmeting in 2002 gedaald van 30,8 naar 24 procent. Ook de criminaliteit in het bedrijfsleven daalt. Het percentage bedrijven in de detailhandel dat slachtoffer werd van één of meer vormen van criminaliteit daalde van 67 naar 49 procent. Dat blijkt uit de vijfde voortgangsrapportage over het Veiligheidsprogramma waar de ministerraad op voorstel van de ministers Donner van Justitie en Remkes van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties mee heeft ingestemd. 

In oktober 2002 heeft het kabinet met het Veiligheidsprogramma een ambitieuze koers uitgezet: criminaliteit en overlast in het publieke domein moeten worden teruggebracht met 20 tot 25 procent. Deze reductie moet in de periode 2008 tot 2010 worden gerealiseerd door het nemen van meer dan 150 maatregelen. Er zijn inmiddels de nodige successen geboekt, maar het kabinet is nog niet tevreden. Het is van belang de positieve ontwikkelingen in de veiligheid vast te houden.  
 
Een van de speerpunten is de aanpak van veelplegers. Er is inmiddels wetgeving waardoor veelplegers in de vorm van een maatregel een aanvullende vrijheidstraf (tot maximaal twee jaar) opgelegd kunnen krijgen in een speciale justitiële inrichting. Het aantal beschikbare plaatsen in deze inrichtingen voor stelselmatige daders (ISD) is 544. Tevens zijn er in de arrondissementen van de vier grote steden extra plaatsen voor veelplegers die worden veroordeeld, maar geen ISD-maatregel krijgen opgelegd. Dezelfde gemeenten hebben verder 250 plaatsen voor specifiek de jeugdige veelpleger. Vanuit het Grote Stedenbeleid zijn pilots gestart om de terugkeer van veelplegers te begeleiden op het gebied van primaire levensbehoeften (inkomen, huisvesting, arbeid) en zo mogelijk aanvullende activiteiten, zoals scholing, (psychosociale) begeleiding, arbeidstoeleiding en woonbegeleiding. Met de ondertekening van de convenanten met de grote steden zijn hiervoor de kaders voor de periode 2005-2009 vastgelegd.  
 
Speciaal voor risicojongeren wordt er een methodiek ontwikkeld om ouders en jongeren die met de politie in aanraking zijn gekomen pedagogische thuiszorg te verstrekken. Dit zal in de vorm van een pilot starten in drie regio's. Verder ligt er een wetsvoorstel gedragsbeïnvloeding jeugdigen dat voorziet in verplichte vormen van heropvoeding buiten de inrichting. Inmiddels zijn de doorlooptijden in jeugdstrafzaken korter, is er een helpdesk privacy voor betrokken organisaties en start dit jaar een erkenningscommissie voor het beoordelen en accrediteren van strafrechtelijke interventies die in projectvorm worden toegepast. 
 
Ook de politie, het openbaar ministerie (OM) en de rechterlijke macht leveren forse prestaties. Het aantal misdrijven dat door de politie wordt aangemeld bij het OM is sinds 2002 gestegen van 218.000 naar 244.000 en het aantal boetes en transacties die voortkomen uit een staandehouding is gestegen van ruim 1,4 miljoen naar bijna 2 miljoen. De doorlooptijden zijn, ondanks de stijging, licht gedaald. Ook de rechtbanken hebben door het tijdig nemen van maatregelen voldoende zittingscapaciteit gecreëerd. 
 
bron:RVD



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: