Werkgevers en vakbonden in de thuiszorg
maken zich grote zorgen over het voortbestaan van het vak
kraamverzorgende. Allereerst neemt het aantal geboortes de komende
jaren af. Tegelijkertijd neemt het aantal uren kraamzorg af dat
door de verzekeraar wordt vergoed. Bovendien neemt de
administratieve lastendruk voor kraamzorgaanbieders toe o.a. door
de kraamzorgveilingen via internet. Deze ontwikkelingen zorgen
ervoor dat het vak van kraamverzorgende onder druk komt te staan.
Dit is de conclusie van het onderzoek 'Verkenning van de
toekomstige vraag naar kraamzorg', dat is uitgevoerd door het
onderzoeksinstituut NIVEL op initiatief van Stichting FAOT.

Het is uniek in Europa dat vrouwen in
Nederland thuis kunnen bevallen en na een

poliklinische bevalling snel naar huis
kunnen. Dit door de unieke samenwerking tussen

verloskundigen en kraamzorg. Het bespaart
ziekenhuiskosten en biedt vrouwen de

gelegenheid vanaf het eerste moment na de
geboorte van hun kind in een vertrouwde

omgeving door te brengen. Uit onderzoek
van het NIVEL blijkt dat door de nieuwe

landelijke regels en de kraamveilingen via
internet, de kraamzorg ernstig onder druk komt

te staan.

Beroep minder aantrekkelijk

De gemiddelde zorgduur voor kraamzorg is
de afgelopen jaren afgenomen. Volgens de meeste respondenten bij de
kraamzorgaanbieders is dat mede het gevolg van de invoering van het
indicatieprotocol en de kraamzorgveiling. Die daling van de
zorgduur maakt het voor kraamzorgaanbieders steeds moeilijker om
roosters te maken waarmee zowel tegemoet wordt gekomen aan de wens
van de ouders om één vaste kraamverzorgende over de
vloer te krijgen als aan de wens van de kraamverzorgende om (bijna)
fulltime te werken. Omdat met kraamverzorgenden nog nauwelijks
fulltime arbeidscontracten worden gesloten, wordt het beroep, met
name voor jongeren, minder aantrekkelijk. Om te komen tot een goed
landelijk onderbouwd beleid gaat Stichting FAOT een
vervolgonderzoek doen om de opleidingscapaciteit en de instroom van
kraamverzorgenden voor de komende jaren in kaart te brengen.

Nieuwe landelijke regels

De nieuwe regels, die vanaf 1 januari 2007
gelden maar in 2006 al vrijwel overal zijn ingevoerd, zijn
vastgelegd in het Landelijk Indicatieprotocol Kraamzorg. Hiermee is
doelmatige, noodzakelijke kraamzorg in heel Nederland gegarandeerd.
Het protocol gaat uit van 44 uur kraamzorg gedurende acht dagen
voor ouder(s) en kind. In bijzondere omstandigheden kan meer of
minder kraamzorg worden verleend en vergoed. Vooral buiten de
Randstad vergoedden de zorgverzekeraars tot voor kort nog 64 uur
kraamzorg.

Kraamzorgveilingen via internet

Bijna de helft van de onderzochte
kraamzorgaanbieders zegt dat de kraamzorgveiling via internet ertoe
heeft bijgedragen dat de zorgduur is afgenomen. In dit systeem, dat
bestaat sinds maart 2005, kopen zorgverzekeraars Menzis en Achmea
kraamzorg in via een kraamzorgveiling op internet.
Kraamzorgaanbieders kunnen een bod uitbrengen om de gevraagde zorg
tegen een concurrerende prijs te leveren.

bron:Stichting Faot