Vrijspraak verdachte terreurdreiging Nijmeegse vierdaagse



Het gerechtshof Arnhem heeft vandaag,
dinsdag 23 januari 2007, uitspraak gedaan in een zaak tegen een
verdachte, die op vrijdagavond 22 juli 2005 tijdens de ter
gelegenheid van de Nijmeegse Vierdaagse gehouden Zomerfeesten te
Nijmegen, met het 112-alarmnummer heeft gebeld. De verdachte zei
vervolgens: “Met de hofstadgroep. We leggen een bom onder de
vierdaagse”.

De politierechter in de rechtbank Arnhem
heeft verdachte op 27 maart 2006 veroordeeld tot een werkstraf voor
de duur van 80 uren, bij niet verrichting te vervangen door 40
dagen hechtenis, ter zake van (1) poging tot bedreiging met een
terroristisch misdrijf en (2) het opzettelijk, zonder dat daartoe
de noodzaak aanwezig is, gebruik maken van een alarmnummer voor
publieke diensten. De verdachte heeft hiertegen hoger beroep
ingesteld.

De advocaat-generaal heeft in hoger beroep
vrijspraak geëist voor de aan verdachte ten laste gelegde
bedreiging, omdat naar zijn oordeel de door verdachte gebezigde
woorden onder de gegeven omstandigheden te algemeen waren om als
bedreigend te kunnen worden ervaren. Ter zake van het tweede feit
heeft hij een werkstraf voor de duur van 30 uren, bij niet
verrichting te vervangen door 15 dagen hechtenis, geëist.

Door de verdediging zijn een aantal
formele verweren gevoerd ten aanzien van de geldigheid van de
dagvaarding ter zake van het eerste feit. Deze zijn door het hof
verworpen. De verdediging heeft voorts bepleit dat de door
verdachte gebezigde woorden niet serieus konden worden genomen,
grotesk waren en van iedere realiteit waren gespeend en dat
verdachte vrijgesproken behoorde te worden.

Het hof is tot een deels andere beslissing
gekomen dan de politierechter. Het hof heeft overwogen, dat voor
een veroordeling terzake van bedreiging is vereist, dat de
bedreiging – in dit geval met een terroristisch misdrijf
– van dien aard is en onder zulke omstandigheden gedaan, dat
deze in het algemeen vrees kan opwekken, dat de geuite bedreiging
zich zal kunnen realiseren. Naar het oordeel van het hof zijn de
door verdachte geuite woorden daartoe in beginsel wel geschikt,
doch zijn zij in dit specifieke geval onder dusdanige
omstandigheden gedaan, dat het voor de politie kennelijk aanstonds
duidelijk was, dat er van een serieuze bedreiging geen sprake was.
Zo heeft de politie gerelateerd dat er na de melding geen
onmiddellijke actie is ondernomen daar de melding te algemeen was.
Voorts is er bij het (later) afluisteren van de melding
geconstateerd dat de melder – zakelijk weergegeven –
onder invloed was.

Het hof heeft verdachte wel veroordeeld
voor het opzettelijk, zonder dat daartoe de noodzaak aanwezig is,
gebruik maken van een alarmnummer voor publieke diensten, te weten
het 112-nummer, tot een werkstraf voor de duur van 30 uren, bij
niet verrichting te vervangen door 15 dagen hechtenis.

Bron: Gerechtshof Arnhem



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: