De WRR stelt voor bij de verzorgingsstaat meer aandacht te besteden aan de jeugd, in de vorm van beter onderwijs en betere kinderopvang. Daarnaast moeten sociale verbanden open en voor iedereen toegankelijk zijn.

Dit schrijft de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in het rapport De verzorgingsstaat herwogen. Hierin staan voorstellen voor de manier waarop de verzorgingsstaat kan omgaan met uitdagingen zoals vergrijzing, sociaal-culturele pluriformiteit, mondialisering van de economie en 'Europeanisering' van het bestuur.

Voldoende verzorgingscapaciteit
Door vergrijzing en ontgroening staat de verzorgingsfunctie van de verzorgingsstaat stevig onder druk, stelt de WRR. De betaalbaarheid van de zorg voor de oude dag is daarbij volgens de Raad nog het minste probleem: lastiger wordt het om te zorgen voor voldoende personeel en aangepaste woningen.

Bij de maatregelen voor de verzorgingscapaciteit horen: technologische innovaties, een gedifferentieerder zorgaanbod, klantgerichtheid en betere mogelijkheden om werk en zorg te combineren.

Werk en opleiding als sociale zekerheid
Het WRR stelt dat de omvorming van het stelsel van sociale zekerheid grotendeels is gerealiseerd. Een volgende stap is om aan mensen die werkloos worden, in de eerste plaats ander werk of scholing te bieden.

Deze omslag vergt tijd. Een eerste stap daarbij is volgens het WRR om voor jongeren tot 25 jaar het recht op een bijstandsuitkering te vervangen door het recht op werk of scholing.

Beter onderwijs en betere kinderopvang
De WRR stelt dat de verzorgingsstaat tot nu toe veel nadruk heeft gelegd op ouderen. De zorg voor jongeren steekt daar volgens de Raad mager bij af.

De WRR pleit onder meer voor de volgende maatregelen:

Kinderopvang moet minstens een aantal dagen per week als basisvoorziening beschikbaar zijn.
Stimuleringsprogramma's moeten een onderdeel van de kinderopvang worden. Vooral allochtone kinderen die vaak met een leerachterstand aan de basisschool beginnen, kunnen van deze programma's profiteren.
Basisscholen moeten meer lesuren krijgen en de kwaliteit van docenten moet verbeteren.
De voor- en naschoolse opvang moet een breed palet aan activiteiten bieden.
Het vmbo en mbo hebben behoefte aan soepeler doorstroom, differentiatie en flexibilisering van de eindtermen.
De Wet studiefinanciering moet studeren - ook op latere leeftijd - gerichter bevorderen en bijbaantjes ontmoedigen. 
Sociale verbanden
De WRR stelt dat de verzorgingsstaat behalve met de oude tegenstelling tussen arm en rijk, ook wordt geconfronteerd met nieuwe tegenstellingen: tussen hoog- en laagopgeleiden, ouderen en jongeren en autochtonen en allochtonen.

Scholing, huisvesting en arbeid zijn voor allochtonen naar verhouding vaak moeilijk toegankelijk. Dit kan ertoe leiden dat zij zich terugtrekken in eigen kring.

Sociale verbanden moeten open en voor iedereen toegankelijk zijn. Dit is de lastigste opgave voor de toekomstige verzorgingsstaat, aldus de WRR.

Zulke verbanden stellen zware eisen aan onderwijs en arbeidsmarkt. Die moeten leren omgaan met deze tegenstellingen. De WRR stelt dat gemeenten de verbindingsfunctie op zich kunnen nemen. Dat vereist meer wettelijke en financiële mogelijkheden.

Bron: WRR